Als het autisme van mijn oudste ter sprake komt vragen mensen niet zelden wanneer wij wisten dat hij “anders” was. Dat moment was heel erg duidelijk...
Mijn oudste houdt erg van klassieke muziek. Hij wordt er rustig van, vraagt er om en zingt delen op zijn eigen manier mee. Twee van zijn favorieten zijn de Kreutzer-sonate van Beethoven en een vioolsonate van Mozart. In het laatstgenoemde stuk zit een frase die hij vocaliseert als “rutterutterutterutteru”. Het heeft even geduurd voordat we erachter kwamen welk stuk van Mozart hij bedoelde. Om die reden hebben we hem destijds meteen de naam van het stuk geleerd, dan kon hij er gericht zelf om vragen. “Mama, ik wil luisteren de vioolsonate kavee driehonderdzesenzeventig van Mozart.”
Een paar weken na zijn derde verjaardag was er in de Waag in Leiden een klassiek concert voor kleuters vanaf 4 jaar. Weliswaar was hij nog geen 4, maar hij kon wel heel geconcentreerd naar klassieke muziek luisteren en genoot er heel erg van. De jongste werd ondergebracht bij opa en oma en wij, trotse ouders, togen met onze driejarige naar de waag.
De opzet was heel laagdrempelig. De musici zaten met hun instrumenten op de vloer in het midden van de zaal. Daar omheen lagen in een halve cirkel twee rijen gekleurde kussentjes, waar de kleuters op konden zitten. Daarachter stonden nog wat rijen met stoelen voor de volwassenen en voor kinderen die niet op de kussentjes wilden zitten. We vonden een goed plekje op de voorste rij stoelen met de oudste recht voor ons op een rood kussentje.
Het concert begon. Tussen de muziek door vertelde een van de musici een verhaal en na een minuut of tien werd de kleuters gevraagd om op te staan en in een lange rij achter haar aan te lopen. Alle kindjes stonden braaf op en liepen achter de violiste aan. Zo niet mijn oudste, die bleef gewoon zitten. Ik gaf hem een paar duwtjes om hem aan te sporen ook op te staan. Tenslotte deed hij dat en liep zonder om te kijken en zonder aarzeling rechtstreeks naar de cellist toe. Op een halve meter afstand bleef hij staan en riep vol enthousiasme: “Dat is een contrabas!” De zaal ging plat van het lachen. Daar stond mijn oudste, zich volstrekt niet bewust van wat er om hem heen gebeurde. Hij zag geen andere kleuters die achter de violiste aan liepen. Hij zag geen kleuters die terug naar hun kussentjes gingen en hij zag niet dat de violiste weer was gaan musiceren en het luisteren weer werd hervat.
Het kereltje bleef daar enthousiast staan roepen en maakte geen aanstalten om terug te gaan naar zijn plek. Het werd ongemakkelijk. Ik ging hem halen en zette hem terug op zijn kussentje. Hij stond op, liep wederom naar de cellist en begon weer enthousiast te roepen. De cellist begon geïrriteerd te kijken en ik haalde mijn oudste nog een keer terug en zei hem dat hij nu moest blijven zitten. Dat deed hij keurig en schoof zittend op zijn billen richting cello.
Ondertussen was hij ook steeds luidruchtiger aan het praten en ik nam hem op schoot om te zorgen dat hij wat minder in het middelpunt kwam te staan. De musici speelden onversterkt en mijn oudste ging steeds enthousiaster allerlei verhalen vertellen. Ik probeerde hem uit te leggen, dat hij toch echt stil moest zijn of zachter praten, omdat we anders weg moesten. Niets hielp. We hebben het einde van het concert niet gehaald en zijn voortijdig naar huis gegaan, geschrokken van wat we mijn oudste zagen doen.
Tot het concert waren we er trots op dat hij geen meeloper was, maar een kind dat lekker eigenwijs was en zijn gangetje ging. Als hij achterom had gekeken naar de andere kleuters, als ik hem had zien denken, “Zij gaan lopen, maar ik wil naar de cello kijken”, dan waren we nu nog trots op zijn eigenzinnigheid. Maar wat die middag zichtbaar werd, was zijn totale onbegrip van de context en zijn onvermogen om zijn gedrag aan te passen. Die middag werd hij voor mijn man en mij autistisch.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten